Recensie:
Spiritualiteit doorgeven
via lichaamsbeleving



Deze pagina bestaat uit:

Recensie

Uit tijdschrift voor Yoga sept. 2003, door: Maaike Chavanu

Kort voor de kopij-deadline voor dit nummer van het TvY kreeg ik dit boek onder ogen. Het is een boek met op de kaft een klaproos die op het punt staat te gaan ontluiken. De kaft sprak mij aan en als ik weer terugga naar het moment dat dit boek mij ter recensie werd aangeboden was het die ontluikende klaproos die me deed beslissen het boek te gaan lezen.
En dat is nu net wat onmogelijk is gebleken. Je kunt de letters lezen, maar dan heb je het boek nog niet gelezen. Anandajay heeft een boek geschreven over de Yoga achter de Yoga. Over de Yoga achter de Asana's. Over de Yoga achter de Pranayama's. Over de Yoga achter iedere oefening. Kortom een boek waarin hij iedereen de basis van Yoga wil laten ervaren. Op de achterflap wordt geschreven dat Anandajay in zijn boek met het woord Yoga duidelijk iets anders bedoelt dan wat gangbaar is. Yoga staat in zijn boek niet voor een bepaalde oefenwijze maar voor de oorspronkelijke betekenis van het woord, namelijk het in verbinding zijn met dat wat is.
Voor mij was de tijd die ik had om het boek te lezen te kort. Niet in uren om alle letters te zien maar vanwege de inhoud van het boek. Het is een boek dat ervaren moet worden, beleefd en doorvoeld. Anandajay geeft het advies in zijn voorwoord om de 'invoeloefeningen' en invoelende meditaties op cassette of cd op te nemen zodat je ze daarna kunt ondergaan. Een wijs advies voor wie het boek ter hand neemt.
Het boek is geschreven voor docenten, zowel voor Yoga-docenten als voor wie lichaamswerk geeft. Stap voor stap worden een aantal facetten van het lesgeven en over jouw lesgeven besproken, vanuit je eigen belevingen. Je wordt als het ware aan de hand meegenomen en zo geleid door je eigen ervaringen. Anandajay weet zo de lezer mee te nemen bij een evaluatie van de les die men zelf geeft.
Heel systematisch worden verschillende onderwerpen per hoofdstuk behandeld. Vaak worden facetten teruggehaald. Niets staat op zich, het is duidelijk merkbaar dat er een samenhang is, dezelfde samenhang die men ervaart tijdens het geven van een les. De onderwerpen komen terug in de titels van de hoofdstukken, zoals de plaats van de Guna's in het lesgeven; de opbouw van een houding; de balans van de adem. Daarnaast bespreekt hij ook onderwerpen van Yoga die minder bekend zijn als het karma-aspect in de yoga en het bhakti-aspect in de yoga.
Ik was onder de indruk van het boek en zal het nog vaak het ter hand nemen om te lezen, te voelen en te ervaren. De ontluikende klaproos zal tijdens de zomermaanden alle tijd krijgen om tot ontluiking over te gaan. Of zoals de laatste woorden op de achterflap het zeggen: door openheid voor het liefdevolle licht gaat ze vanzelf tot ontluiking over.

Hoofdstuk: De plaats van de Guna's in het lesgeven

Invoeloefening:

Laten we gaan staan.
Mag ik je vervolgens vragen je ogen te sluiten?
Voel dan eens hoe je jezelf op dit moment in deze houding ervaart.
Hoe het lichaam aanvoelt in de beweeglijkheid van het evenwicht.
Hoeveel ruimte er is om je via je voeten gedragen te laten worden door de grond?
Hoe verloopt je adem?
Hoe voelt je rug aan? Is die vrij?
Ervaar je die als geheel?
Komt je brein tot rust in deze houding of blijft het actief?
Hoe voelt het bekkenbodemgebied?
Is er spanning in je mond?
Is er spanning voelbaar in je ogen?
Houd de ogen gesloten en ga heel langzaam liggen op je mat.
Iedere beweging is er één, dus doe het rustig!
Je hebt alle tijd en elke beweging geeft je toegang tot het voelen van je diepgang. Voel nu hoe het is om te liggen en wat de lighouding met je doet.
Begin weer van voren af aan te voelen hoe het met je is in deze houding. Neem weer alle tijd.
Wat voor een invloed heeft deze houding op je, als jij je via de achterkant gedragen laat worden door de vloer?
Hoe werkt dat door op de adem?
Hoe voelt je rug, voel je hem overal of alleen in sommige gebieden?
Mogen je benen vrij liggen vanuit de heupen, vanuit de liezen en vanuit het bekken?
Is je brein rustig, onrustig, beweeglijk, kalm of slaperig?
Is er ontspanning in je mond en in je ogen?
Zo meteen ga je, de ogen relatief gesloten houdend, langzaam weer zitten in een houding met ge-kruiste benen op je bankje of stoel. Beweeg weer traag en invoelend. Om dan ook in deze zithouding weer geheel te doorvoelen hoe het met je is.
Hoe verloopt de adem in deze houding als jij je houding echt via de zitbotten gedragen laat wor-den?
Mogen de benen losliggen vanuit de heupen zodat het gewicht op de zitbotten rust?
Is het brein in deze houding ontspannen, rustig of beweeglijk?
Voel jij je rug in deze houding? Geheel of gedeeltelijk?
En waar voel jij in deze zithouding je kracht? Niet je weten, je gewoonte, maar je kracht.
Niet de kracht van hoe je jezelf of je houding op allerlei manieren hebt aangepast, maar gewoon jouw menselijke kracht.
Waar in je lichaam voel je jouw kracht?
Niet de kracht die je kent of die jij je herinnert, niet de kracht van je hart, niet de kracht van het aangepast zijn door het willen, maar de levenskracht die bij jou hoort.
Misschien is ze die nog niet zo goed te voelen, maar deze vragen zijn een uitnodiging om er open voor te worden.
Je bent een mens met een eigen kracht, ook al vergeet je die kracht vaak, omdat je die meestal aan een doel of aan succes verbindt. Waar voel jij je kracht, jouw levenskracht?
Laten we dan zo meteen de ogen weer openen.(Om een indicatie te geven van het tijdsbestek: het staan, liggen en zitten en het voelen van je kracht, duurde tien tot vijftien minuten.) Wat deden deze drie houdingen qua energie met je? Ze kunnen alle drie heel ontspannend zijn, maar ze hebben verschillende kwaliteiten. Wat deden ze met je helderheid, met je gewaarzijn?
Als je mensen naar yoga begeleidt is het belangrijk dat je ze hun eigen kracht weer laat hervinden. Ze hoe-ven dan zichzelf, hun ego, niet meer sterk te maken door veel te weten of zich aan te passen, maar ervaren weer hun aangeboren levenskracht.
Er zijn veel krachten in je aan het werk. Die van het weten, het kunnen, het willen, het geloven, het ont-kennen, et cetera.
Door al deze krachten zou jij je eigen kracht van dát je bestaat, dát je er bent, haast niet meer herkennen.De houdingen die je hebt doorvoeld, appelleren aan een bepaalde kwaliteit.
Staan is rajas en maakt je beweeglijk en onrustig.
Liggen is tamas en maakt je vast en onhelder.
Zitten kan sattvas zijn en je vrij en open maken.Het staan is een actieve houding, die het brein en het denken stimuleert tot actie.
Het liggen is een passieve houding, die de attentie en aandacht kalmerend beïnvloedt.
In het zitten wordt het brein rustiger terwijl de alertheid en het bewustzijn niet verstoord worden, dus een evenwichtige combinatie van het staan en het liggen. Het is als het ware een soort staan op de zitbotten.
Als je een yogales met staan begint, blijft het brein actief, terwijl iedereen al met een druk werkend brein binnen komt. Het kan wel ontspannend werken en aansluiten op hoe men binnenkomt, maar het blijft beweeglijk en de toonzetting van je les is daardoor 'doenerig'.
Observeer je de adem, dan zie je dat die zich in de staande houding gemakkelijk in de hogere regionen ophoudt, terwijl de adem zich in de lighouding aan de achterkant zal nestelen en dat in de zithouding de flanken het meest optimaal meebewegen. Van het liggen naar het gaan zitten is een enorme verandering, met name voor de bloedcirculatie. Vanaf het zitten direct naar het gaan staan is echter een te grote overgang. De leerlingen zijn daar nog helemaal niet aan toe. Dus houd in het begin de bewegingen klein en de oefeningen zeer eenvoudig, want anders vinden ze geen opening om echt te voelen.
Pas als je leerlingen echt tot rust komen, hebben asana's zin. Een asana is juist een houding waarin e diepe spirituele grond de gehele tijd ervaarbaar is.
Om de stress van de dag af te leggen, hebben cursisten zeker een half uur nodig
In de zittende houding wordt het meest een beroep gedaan om iets samen te delen. Het is de meest relati-onele houding, zowel met je omgeving als met jezelf. Daarna komt het liggen om nog dieper te ontspan-nen en daarna kun je eventueel via het zitten naar het staan gaan voor bijvoorbeeld een evenwichtshou-ding. De innerlijke rust is dan inmiddels voelbaar, zodat ze traag zullen bewegen en het open voelen niet al te erg verstoord zal worden door de lange en grote beweging.
Maar geef niet meteen een asana aan het begin van de yogales.
Laat ze eerst tien à vijftien minuten zitten op een bankje, een stoel of op kussens.
Dan ben je minimaal twintig minuten met het liggen bezig om ze dieper te laten ontspannen. In deze twee fases zijn ze voelend bezig, waardoor de gedachtenstroom wordt beïnvloed of overgenomen door de tra-ge, invoelende beweging.
Na dit alles is er ruimte om iets met de adem te doen.
Pas als alles zo veel mogelijk tot echte rust is gekomen, is er na zo'n drie kwartier eventueel ruimte voor een asana.
Na circa vijftig minuten verslapt vaak de voelende aandacht, dus is een asana, een houding vanuit innerlijke rust, op zijn plaats. De lessen worden misschien qua 'standjes' wat saaier, maar qua inhoud zeker niet! Wat de rug betreft, klagen mensen in het staan niet zo vaak over hun rug, omdat ze de rug dan vaak vast-zetten, hij wordt dan gefixeerd. Let er daarom op dat in het staan de knieën iets gebogen zijn, zodat men de rug met de stand van de benen opvangt, in plaats van fixeert. De benen hebben dan aan de voorkant evenveel spanning en ontspanning als aan de achterkant.
In het liggen kun je de wervels gemakkelijk naar de vloer laten hangen voor een diepe ontspanning van de rug.
Bij het zitten is de rug vrij en alles wat je in de rug voelt is een gevolg van hoe je zit. De hele rug is in prin-cipe beweegbaar. Je kunt de rug naar voren of naar achteren, hol en bol, trekken. Blijf daarom voelen hoe je zit, hoe zacht je houding is, want dat bepaalt de ontspanning van de rug.
De meeste mensen zitten naar voren, hol in de onderrug, en pas als ze een beetje op hun zitbotten gaan rusten, voelen ze dat je het heiligbeen en staartbeen kunt laten hangen. Dan is de onderrug vrij en komt er een goede doorstroming.
Het is belangrijk om altijd uit te gaan van een goede rugpositie in plaats van een mooie beenpositie. Als er iets met de rug is, moet het door de benen afgevoerd kunnen worden. Dus de benen moeten vrij blijven, anders krijg je een blokkade in het eerste of tweede chakra.
De meeste yogaleraren zijn gewend aan een gefixeerde houding. Als je werkelijk affectie voor jezelf voelt, belast je jezelf niet op die manier. Een spier die in een gewilde positie is gebracht, is geforceerd en kan zich niet helemaal ontspannen (bijvoorbeeld als de knieën in de kleermakerszit niet op de grond komen). Enerzijds worden de spieren dan vast- en tegengehouden en anderzijds worden ze door het hangen uitgenodigd om langer gemaakt te worden. Eigenlijk is het gewelddadig, om iets wat kort of vast is te laten hangen en te ontspannen. Dan gaat de veerkracht uit de spieren, want er zijn de hele tijd twee tegenovergestelde krachten aan het werk. We zijn aan deze strijd gewend geraakt, omdat we in bijna alles zo met onszelf en de wereld omgaan. We zijn zo geconditioneerd en yoga maakt je van die onbewuste reacties weer bewust door je te laten voelen.
Een spier die gewoon ontspannen is, rekt in zachtheid uit. Dus onderbouw je zithouding met kussens onder de knieën, zodat er wel een rekking is, maar niet een rekking die een tegenkracht oproept. Dan is het een geweldloze rekking: ahimsa!
Juist door jezelf in het zitten een ondersteuning te geven, krijgt die spier het gevoel van: 'er wordt van mij gehouden, ik word begrepen'. Dan komt er vanzelf extra ruimte in dat gebied. Dit is de praktische kant van de yama ahimsa. Door inzicht in geweld ontstaat vanzelf geweldloosheid, ruimte.Bij bijvoorbeeld een vooroverbuiging houd je daarom de knieën licht gebogen. Voel de rekking in de on-derrug, ontspan daarin en als het goed voelt ga je vanzelf een stukje verder, dan raak je vertrouwd met een rekking vanuit overgave in plaats van uit wilskracht. Wilskracht geeft immers geen toegang tot het spiritue-le, het wezenlijke.
Dus er is zowel spiertechnisch als inzichtelijk een enorm verschil tussen hoe je met wilskracht rekt en hoe je vanuit de yoga, vanuit ahimsa met rekking omgaat. Bij ahimsa ga je uit van de ruimte die er is, die het lichaam je geeft en niet die van waar het ego naar toe wil.
Dat zijn wezenlijke verschillen, ze bepalen het verschil tussen of je spiritualiteit of egokracht doorgeeft via je wijze van lesgeven.
Als je affectie voelt voor alles wat je bent en ervaart, geeft dat je een andere mentaliteit die dan ook door-werkt naar je leerlingen toe. Er ontstaat meer vrijheid in het voelen en beleven en er komt een grotere doorstroming in de houding. En in die openheid kan de kundalini energie misschien vanzelf gaan stromen. Ongewild, maar vanzelf omdat er ruimte is. En dat is dan de praktische uitwerking van niyama, van open-heid voor dat wat is, wat je al bent.
Ik nodig je daarom uit om alles wat je gewend bent opnieuw te doorvoelen met het oog op ahimsa en affectie voor jezelf. Want alleen de gevolgen van ahimsa zijn vredig. Dus voel de houding die je gewend bent, want als de houding door je openheid verandert, komt er een totaal andere zijnservaring
Wil je geen onrust door bewustwording, zoek dan niet verder, want je komt altijd achter dingen die voor-heen niet bewust waren. Je komt er bij een inzicht altijd achter, dat het idee dat je had niet overeenkomt met de werkelijkheid die plaatsvindt. Inzichten gaan altijd over de onderkenning dat hoe het was, niet de waarheid is.
Er ontstaat een probleem als je denkt dat je yogaleraar bent en weet wat je doet. Je fixeert jezelf dan in je kennis en dan is er geen spirituele beleving meer mogelijk.
Yoga is geen uitnodiging tot lijfelijkheid, maar nodigt uit om te voelen dat er een andere relatie met je lichaam mogelijk is, door de werkelijkheid ervan te ervaren, in plaats van in het beeld dat je erover hebt te geloven.
Als je als yogaleraar door deze inzichten verandert, zul je de verrijking van je eigen beleving in je bijeen-komsten integreren. Als jij je leerlingen vertelt dat je in ontwikkeling bent, getuigt dat van respect voor de mensen die altijd zo goed naar je luisteren. Vanuit ahimsa gooi je niet alles radicaal om, maar volg je de organische weg, en die is geleidelijk.
Vanuit de vrede van ahimsa, ervaar je dat het steeds weer willen je fixeert!Als je in evenwicht bent, ben je niet gefixeerd, want evenwicht is beweging om het centrum heen. Ieder-een zoekt naar harmonie maar harmonie is geen gefixeerde situatie. Harmonie is de levensbeweging van iemand die zijn kern voelt.
Hoe meer onzeker jij je voelt, des te meer neig je naar fixatie en word je onbuigzaam en stijf.
Yoga is juist bedoeld om je bewustzijn open te houden en het centrum ervan te ervaren. In de stahouding zijn evenwicht en de beweeglijkheid rond het fysieke centrum goed te voelen, maar leidt instabiliteit (rajas) al snel tot fixatie. Het is daarom belangrijk dat er genoeg innerlijke rust is om de spiritu-ele kern, het centrum van je energieveld, in jezelf te ervaren.
In de lighouding is evenwicht vrijwel niet fysiek te ervaren. Spirituele essentie eventueel wel, maar de lig-houding leidt vaak tot slapen of mijmeren (tamas), waardoor het open ervaren verdwijnt.
In de zithouding is, door het 'staan' op de zitbotten, evenwicht voelbaar en door de stabiliteit van de hou-ding is ook de innerlijke kern ervaarbaar, waardoor deze houding het meest geschikt is voor meditatie (sattvas).
Handelen we vanuit afstoting (tamas), vanuit aantrekking (rajas), of gaan we daaraan voorbij (sattvas)?
TamasAfwijzing is iets in het donker wegzetten, vastzetten, en dat is de essentie van tamas.In de yoga gaat het vaak over ontspanning, hetgeen vaak technisch is in de zin van: "Ontspan je arm of je been". Er is dus kennelijk iets wat ons tot spanning heeft gebracht. De vraag is nu of we dat wat ons tot spanning heeft gebracht, niet steeds afwijzen door te zeggen dat het ontspannen moet zijn! We wijzen dat wat ons tot spanning bracht, steeds af. Mijn vraag is nu of we die impuls ook kunnen vergeven in plaats van botweg af te wijzen? Het vergeven van die impuls in plaats van technisch het ontspannen als wapen en remedie inzetten tegen spanning, geeft een veel diepere aanraking van ontspannenheid.
Als je iemand vergeeft, betekent dat, dat je alles wat jou geïrriteerd heeft, op een heel diep niveau laat verzachten door je affectie voor diegene toe te laten. Als je de impulsen die tot spanning hebben geleid, en dat kunnen gewoonten zijn die je zelf vaak onbewust hebt aangewend, vergeeft, ontspan je op een veel dieper niveau dan als jij je technisch en met je wilskracht probeert te ontspannen. Er vindt dan een loslaten plaats, waardoor er een opening naar het spirituele ontstaat. Deze openheid reikt veel verder dan de ontspanning van de spieren. Alleen door te vergeven in plaats van af te wijzen, opent zich, vanuit affectie en liefde, het contact met je werkelijke zelf.

Rajas. Seksualiteit is de bron van schepping en beweging, en dat is de essentie van rajasSeksualiteit is iets dat door veel yogaleraren als onrustverwekkend wordt ervaren. Yoga is vaak aseksueel en ontspanning is vaak de afwezigheid van de bruisende seksuele energie. Traditioneel wordt de yama brahmacharya nog steeds uitgelegd als seksuele onthouding om tot spirituele ontwaking te komen. Seksualiteit dient dan gesublimeerd te worden.
In die zin zou je kunnen zeggen dat seksualiteit in de yoga, behalve in de tantra yoga, een ongewenst en verwarring stichtend gegeven is. Alle waarden die in de traditionele benadering van yoga belangrijk worden geacht, hebben te maken met de bovenste drie chakra's. Dat zie je trouwens vaak bij spiritueel gerichte stromingen. De onderste drie chakra's, de persoonlijke krachten, moeten volgens veel tradities immers overstegen worden. De onderste chakra's en middelpunt daarvan, het tweede chakra van de seksualiteit, mogen vooral niet eindeloos hun gang gaan.
In heel veel yogageschriften zijn het lustbeginsel en de begeerte de grootste vijanden van de spirituele ontwikkeling. En dat leidt er al heel snel toe dat seksualiteit, als de voornaamste lustdrijfveer, in het verdomhoekje komt te staan.
Aan de andere kant is het de energie van dit tweede chakra dat ons juist aanzet tot spirituele ntwikkeling, tot het zoeken naar éénwording.
Wij zijn allemaal deel geweest van de moeder waar we uit voort komen. Dan is er de geboorte en iedereen juicht, maar voor de eenheid van moeder en kind is het vreselijk, want er is sprake van een scheiding. De geborene kende tot dan alleen maar de heelheid en wordt er nu vanaf gescheiden. Vanaf dat moment ver-lang je weer terug naar die heelheid. Dit verlangen naar heelheid is een spiritueel gegeven dat we allemaal meekrijgen. Het is de kundalini in je heiligbeen. Iedereen, alles, verlangt naar heelheid. Het tweede chakra van verlangen draagt zowel het verlangen naar heelheid als naar seksualiteit in zich. Seksualiteit is immers het materiële verlangen naar heelheid, naar samensmelten met een ander. En de kundalini is hetzelfde verlangen op het spirituele gebied. Als we spiritueel verlangen en het materiële evenbeeld ervan, de seksua-liteit, uit elkaar halen met onze oordelen, zal de yoga die we geven een discrepantie tussen spiritualiteit en seksualiteit in zich dragen.
En dit terwijl het in yoga juist gaat over het weer bij elkaar laten komen van de twee polen der dualiteit. Dus integreer de spiritualiteit en de persoonlijkheid met elkaar, in plaats van ze te scheiden. Laat de spiritualiteit toe in de seksualiteit en omgekeerd. Je hoeft de seksualiteit niet te transformeren in spiritualiteit, maar laat de spiritualiteit toe tot diep in de seksualiteit.
Mag het spirituele het persoonlijke verrijken, in plaats van dat het spirituele wordt gebruikt om het persoonlijke onder de knie te houden?
Als je er eens op gaat letten, zul je merken dat de seksuele organen niet altijd ontspannen en vrij zijn. Bij het doen van yogahoudingen worden ze al snel bij de geringste activiteit weer ingetrokken en dus gespannen. Maar als je de seksualiteit in de spiritualiteit toelaat, betekent dat, dat de seksuele organen meevoelen en mee aanwezig zijn in een heelheidbeleving.
Als je bijvoorbeeld met iemand spreekt of naar iemand luistert, doe je dat met alles wat je bent, dus ook met je seksuele organen. Ze zijn ook een deel van je lichaam, net zoals je neus en je hand.
Door in ontvankelijkheid, volledige raakbare openheid, de spiritualiteit, het andere, het vervullende, toe te laten, komen het tweede en het zesde chakra bij elkaar. Het zesde chakra bepaalt immers via je inzichten hoe en waar je energie stroomt.
De inzichten die je hebt, bepalen je leefwijze, dus ook de vrijheid van je energiestroom. Als je echter met je kennis je energieën onder controle probeert te krijgen of te houden, is dat een vorm van dominantie.
Als je boos op iemand bent en je gaat met die persoon praten en ziet onderwijl in wat je onjuiste drijfveer is, dan wordt je boosheid, je energiestroom, anders. Energiestromen veranderen door inzicht. Het tweede chakra en seksualiteit worden anders door de inzichten van het zesde chakra. Anderzijds zorgt de vrijheid van het tweede chakra er voor dat je het leven echt in zijn volheid ervaart, en niet alleen maar een deel ervan. Alleen in volledige vrijheid en openheid kan immers werkelijk inzicht ontstaan.
Als je ziet waar je begeerten naar uit gaan, en je ook inziet dat je eigenlijk naar heelheid verlangt, kan de spiritualiteit een harmoniserende invloed hebben op de seksualiteit.
Met seksualiteit bedoel ik alles wat je fijn vindt: de kleren die je draagt, de bloemen die je kiest, de partner die je aantrekkelijk vindt. Kortom alles waar jij je lekker bij voelt. En dat vormt tevens je identiteit. Als je laat zien waar je van houdt, laat jij je identiteit, je verlangen naar heelheid zien. En dat heeft allemaal met het tweede chakra te maken.
Sattvas. Vergeving en integratie gaan aan de primaire reacties van afstoten en aantrekken voorbij, zijn heelmakend, en dat is de essentie van sattvas.Invoeloefening.Ga zitten met een zachte, maar rechte rug en voel eerst maar even hoe jij je voelt.
Is er ruimte voor dit moment en voor alles wat nog komt?
Voel ook eens wat er gespannen is. Spanning is een soort spiegel van hoe je bezig bent geweest en hoe je op dit moment bent. Waar voel jij spanning in je lichaam?
Spanning, klein of groot, het maakt niet uit, maar waar ervaar jij spanning?
Voel dan eens hoe het is als je niet corrigerend probeert te ontspannen, maar gewoon alleen maar voelt wat je, diep binnenin, spanning geeft.
Voel eens wat er gebeurt als je die impulsen van je spanning vergeeft. Het maakt niet uit of je de oorzaken weet, maar dat je, wat het ook was, hoe dan ook vergeeft. Vergeven betekent dat de aanzet tot spanning niet meer nodig is. Het is ooit misschien relevant geweest, maar door verge-ving laat je dat achter je.
Dat hoef je niet tegen alle lichaamsdelen te zeggen, maar je kunt als het ware die vergeving voor alles tegelijkertijd hebben, voor alle impulsen die spanning in jou teweeg hebben gebracht of op dit moment nog doen.
Je vergeeft als het ware de diepere oorzaak van je spanning, je schenkt vergeving aan alle bewuste en onbewuste oorzaken.
Als je voelt dat de spanning zich concentreert in bepaalde lichaamsdelen, geef die dan vergeving, in plaats van ze alleen maar te ontspannen.
De spanning die je voelt is niet fout, het is geen verkeerd gevoel dat er niet zou mogen zijn, maar je schenkt vergeving aan de impulsen die de spanning opriepen en vasthouden. Vergeving, zodat de impulsen tot rust kunnen komen en je ze achter je laat.
Vergeving schenken is een diepe, haast religieuze vorm van ontspanning. Vergeving schenken aan je eigen spanningsgebieden en -impulsen, maar ook aan andere mensen die gespannen zijn of aan bepaalde situaties die spanning hebben opgeleverd.
Door vergeving mag alles weer zijn eigen ruimte krijgen, ontstaat er weer een nieuwe openheid en wordt in feite het verleden losgelaten.
Neem maar eens even de tijd om te ervaren hoe het is om de volledige spanningshaarden in jezelf te vergeven.
Hoe voelt het als je alle spanning in je tegelijkertijd vergeeft?
Steeds als er weer spanning voelbaar is, mag je weer opnieuw vergeven.
Want sommige spanningsgebieden hebben het, net als sommige herinneringen, steeds weer nodig om te horen en te voelen dat je ze werkelijk vergeeft. Daarin speelt de oprechtheid van jouw ver-geving de belangrijkste rol. Hoe oprechter je vergeeft, des te dieper wordt de vergeving aangeno-men.
Vergeef, vanuit bewogenheid in je hart, dat er impulsen zijn die jou steeds weer gespannen maken, jou steeds weer doen verkrampen, jou steeds weer ruimte ontnemen.
Of het nu een gedachtengang, emotie, herinnering of een ontmoeting met iemand is, allemaal kunnen ze vernauwend, spannend of verkrampend op je inwerken. Vergeef ze, zodat er weer ruimte komt om verder te gaan vanuit de nieuwe situatie.Nu je wat ontspannen bent als gevolg van al die vergeving, nodig ik je uit om eens te voelen hoe het gebied van het geslacht en het heiligbeen aanvoelt.
Hoe ontspannen en zacht is dit gebied?
Misschien voel je dat die twee gebieden met elkaar verbonden zijn.
Als je zo meteen heel rustig en traag, zodat je ruimte behoudt om te voelen, met je benen vooruit gestrekt op je mat gaat zitten, blijf dan eens voelen of het geslacht ontspannen blijft en meevoelt in deze trage bewegingen. Voelen bedoel ik ontvangend. Voel daarom eens in welke mate het ge-slacht mee mag doen in dat ontvangen.
De ogen blijven gesloten. Neem de tijd. En voel eens of het geslacht in dit 'onderweg zijn' mee-voelt. Het gaat er niet om dat jij op het geslacht geconcentreerd blijft, maar of het geslacht zelf meevoelt, mee ontvangt in dat wat er gebeurt.Als je zo meteen op uitademingen het hoofd langzaam los aan de nek naar voren laat komen te hangen, blijft het geslacht dan ook mee ontvangen? En als ergens een spanning ontstaat, voel dan dat je die spanning tot in haar aanzet vergeeft.
Ook als het hoofd iets verder naar beneden zakt, zodat de bovenrug en schouders wat ronder worden en de rest van de rug nog recht blijft, blijft het geslacht dan ook nog meevoelen?
Ook als je de borstrand in laat zakken in de richting van de maag zodat je middenrug ronder wordt, blijft het geslacht dan nog steeds meevoelen?
Blijft het geopend voor hoe alles voelt?
Ook als je de onderrug boller laat worden door het bekken te kantelen, blijft het geslacht dan ook nog meevoelen, mag het vrij en ontspannen blijven ontvangen wat er gebeurt?
Als er spanning optreedt, vergeef de impuls die de spanning veroorzaakt en voel je weer vrij.
Wanneer je zo meteen wervel voor wervel vanuit die rondheid de rug op de vloer gaat afrollen en neerleggen, voel dan of alles wat je beleeft, mede door het open zijn van je geslacht, ervaren wordt in plaats van dat het geslacht zich door de activiteit intrekt en je alleen nog met een beperkt deel van je lichaam voelt.
Blijft het geslacht medeontvankelijk voor alles wat je ervaart? Als je zo meteen één voor één de knieën naar de borst brengt, terwijl je de onderbenen en knieën volledig ontspannen houdt en je de voeten er achteraan sleept, voel dan eens in hoeverre je in het doen terechtkomt en allerlei spieren zich onnodig aanspannen.
Of mag je ontspannen blijven en blijft ook het geslacht ontvankelijk?
Ook als je in alle rust de handen één voor één op de knieën plaatst, en met de armen de knieën naar je toe brengt op de uitademing.
Blijft het geslacht open om die totaalheid van je lichaamsverandering te ontvangen? En dat is dus iets heel anders dan dat jij je bewust blijft van je geslacht.
Zo meteen laat je de handen, elkaar vasthoudend, over de knieën heen hangen en voel je of de armen er helemaal los en zwaar overheen mogen hangen.
En als je ergens spanning aantreft, voel dan weer hoe het voelt als je die vergeeft. Blijf zo een tijd-je liggen.
Om dan de handen voorzichtig los te laten en de armen weer terug te leggen op de vloer.
Voel weer eens of het geslacht open is om mee te voelen.
En als je zo meteen, scharnierend vanuit de heupen, de ontspannen voeten één voor één weer te-rug laat gaan naar de vloer, blijft het geslacht dan mee voelen, en vergeef je elke spanning tot in zijn aanzet?
Als je daarna de benen uitschuift zonder ze op te tillen, blijft het geslacht dan ook nog open om de ervaringen te ontvangen?
Als je de armen dan met zo min mogelijk inspanning langzaam richting plafond brengt, en het ge-slacht blijft ontvankelijk voor hoe alles aanvoelt, is het gebied van begeerte via de ontvangende kwaliteit verbonden met de spirituele openheid van het 'er zijn'.
Als de armen naar het plafond uitgestrekt zijn, kruis je ze op een uitademing. De ellebogen gaan dan aan elkaar voorbij en de armen buigen.
Blijft het geslachtsgebied meevoelen en vergeef je eventuele spanning?
Zodra je de houding hebt aangenomen, maak je een grote, langzame nee-beweging met het hoofd om de nek de nodige ruimte en vrijheid te geven.
Het geslacht voelt mee.
Zo meteen kun je de armen vanuit die positie weer vloeiend en gestroomlijnd openen op een in-ademing en andersom kruisen op de uitademing, om daarna weer dezelfde beweging met het hoofd te maken. Het geslacht is mee ontvangend en vergeving verdiept de openheid van het voelen.
Open dan weer de armen op een inademing totdat ze naar het plafond zijn uitgestrekt.
Op een volgende inademing breng je de rechterarm langs je hoofd naar achteren. Is het geslacht nog meevoelend?
Uitademend buig je het linkerbeen en op een volgende uitademing zet jij je met je linkervoet af en draai jij je op je rechterzij.
De linkerhand komt voor de borst op de vloer te staan.
Rust even uit en neem vervolgens alle tijd om vanuit deze zijligging weer te komen zitten. De meditatieve uitnodiging om ook met het geslacht te voelen en spanning tot in de aanzet te vergeven, blijft je begeleiden.
Als je dan zit, laat je alle sporen wegtrekken en het lichaamsgewicht weer meer en meer op de zitbotten komen. Elke spanning die je tegenkomt, vergeef je tot in zijn aanzet.
Steeds opnieuw voel je of het geslacht mee open is om te ontvangen hoe alles aanvoelt, zodat je niet alleen met de energiegebieden van de bovenste drie chakra's verbonden bent.
Ontvang hoe alles is en voelt. Elke spanning vergeef je tot in zijn aanzet en elk moment mag het geslacht weer ontvangen.
Als het bewustzijn vanuit het zesde chakra wordt aangevuld met de ontvankelijkheid van het geslacht en het tweede chakra, ontstaat er een verbinding tussen het tweede en het zesde chakra en komen ze uiteindelijk samen in het vierde chakra.
Daarom de vraag om de handen nu op elkaar op het hartgebied te leggen en te voelen hoe dat ge-bied aanvoelt van handen tot hart en van hart tot handen.
Ervaar de warmtewisseling of de andere sensaties die je voelt en misschien wens je de handen op enige afstand van het hart te houden. Doe wat je wenst.
Voel dan hoe het hartgebied aanvoelt. Zowel de helderheid van het hoofd als de bekoorlijkheid van het geslachtsgebied mogen er in ontvankelijkheid zijn.
Neem de tijd om te voelen of deze twee chakra's elkaar mogen aanvullen en daardoor de verbinding met het hartchakra verdiepen tot een gevoel van heel zijn.
Heb daar in stilte een tijdje aandacht voor.
Je kunt dan, ter bevestiging van wat je voelt, deze mantra gebruiken: Om ananda maya, shakti om, shakti om.

Anandamaya is het hart, het gebied van vergeving. Shakti het gebied van het tweede chakra. Om het gebied van het zesde chakra.
Deze mantra gaat over het voelen van het hartgebied als gevolg van dat het tweede en het zesde chakra in openheid worden ervaren.
Voel eens of tijdens het zingen je geslachtsgebied vrij blijft meevoelen en je handen in relatie met het hart blijven.
Als er weer ergens onnodige spanning is, nodig ik je uit om die te vergeven in plaats van er op te reageren door afwijzing via technische ontspanning.
Zing een tijdje deze mantra en voel dan na in stilte.

***

______________________________________________
naar bovenkant
home
index & zoeken
______________________________________________
© Copyright, all rights reserved by 'The Light of Being' ®