Tantra-yoga werkt net als de Hatha-yoga met asana, pranayama en savasana, maar benadrukt de verbinding tussen de chakra's en met name het eerste en zevende chakra, het staartbeen en het kruingebied. Binnen de Tantra-yoga (balans brengen in de aantrekkingskracht van mannelijke en vrouwelijke energie) valt ook de Kriya-yoga (balans brengen door actieve zuiveringen van het fysieke en mentale) en Kundalini-yoga (balans brengen in de energieën van de chakra's)
Kundalini is de nog grotendeels ongebruikte mentale, creatieve en spirituele potentie van de mens. Deze kracht komt tot ontwikkeling door bewustwording van ons innerlijk. Kundalini betekent slang of slangenkracht en staat symbool voor de mystieke psychespirituele energie in de mens, die ook wel vanuit de eerste veda de schitterende innerlijke stem genoemd wordt. Deze energie is universeel maar werd vooral door de tantristen echt uitgediept. Ze ligt volgens de oude geschriften in de onderste chakra opgerold en zal door de evolutie en openheid van de andere chakra's langzaam omhoog kruipen. Ze brengt deze energiegebieden dan in verbinding (yoga) met de diepste spirituele werkelijkheid en kracht. In de tantrayoga is de opkruipende beweging van de kundalini-energie het belangrijkste. Daarmee maken ze de intuïtieve en spirituele ontwikkeling van de mens, kortom zijn bedoelde levenstaak, tot het hoogste goed. Er is een grote overeenkomst tussen de ontwikkeling van de tantrayoga en de rajayoga, ook al wordt de eerste als lichamelijker en de tweede als geestelijker georiënteerd gezien. Volgens mij is het een kwestie van waar jij je in een bepaalde tijd het meest toe aangetrokken voelt.
Afhankelijk van het ontwikkelingsstadium van de innerlijke groei zijn de chakra's in mindere of meerdere mate manifest in hun kwaliteit. De kundalini-energie kan zich met de energieën van de chakra's verbinden, zodat hun kwaliteit spiritueler wordt. We worden ons dan bewust dat ieder chakra naast een persoonlijke kwaliteit ook een innerlijke kwaliteit in zich draagt. Zo zijn we bekend met verliefdheid en persoonlijke liefdesgevoelens vanuit het vierde chakra, maar zijn we nog niet zo vertrouwd met de onvoorwaardelijke en universele liefde die ook vanuit dit chakra ervaarbaar wordt.
Maar naast het bewust worden van de chakra's is het vooral het inzicht in onszelf dat ervoor zorgt dat de chakra's van binnenuit open gaan. Dit inzicht is nodig om los te komen van de zo bekende wilsgerichte inspanningen. Voor dit subtiele niveau van menselijk ontwaken is de kracht van het derde chakra veel te egoïstisch en te grof.
Kundalini is ook de potentie via welke het oerbewustzijn (Shakti energie) en het kosmische bewustzijn (Shiva-energie) met elkaar in verbinding kunnen komen. Deze twee krachten verlangen naar elkaar en via kundalini kunnen ze zich met elkaar verweven (tantra). Kundalini, tantra en de chakra's zijn daarom niet los van elkaar te koppelen.
In de Tantra-yoga gaat het erom dat we via oefeningen en meditaties vertrouwd raken met het tantrische verlangen en met de Shakti, Shiva en kundalini-energie. Het gaat er om de verschillen te leren onderscheiden tussen de persoonlijke en innerlijke waarden van de chakra's en de fases van ontwikkeling die daarbij horen. De bedoeling van tantra yoga is dat we ons bewust worden van ons spirituele groeiproces en opener worden voor de diepere betekenissen van ons oerbewustzijn en het kosmische bewustzijn, van Shakti en Shiva, zodat we hun onderlinge relatie tot een hoogtepunt van harmonie en gelijkwaardigheid laten komen. Alle andere vormen van yoga spelen in dat proces een rol. In die zin is onze universele yoga tantrisch van aard. De integratie van Shakti en Shiva en daardoor van alle in ons werkzame energieën is het proces van ervaarbare spiritualiteit.
Spiritualiteit betekent geestelijkheid, onstoffelijkheid, dat wat handelt over de ziel. En daar begint dan ook gelijk de verwarring, want het begrip onstoffelijkheid is een rijk domein voor interpretaties. Bezig zijn met het geestelijke of spirituele kan een welkome manier zijn om los te komen van de dagelijkse beslommeringen. Spiritualiteit wordt vaak een doel, omdat het aardse bestaan als te beperkt en te weinig zinvol wordt ervaren. Daarbij hoort dan ook het idee dat spiritualiteit iets is wat we kunnen bereiken of moeten 'verdienen'. Als spiritualiteit iets bijzonders is, bestaat er een scheiding tussen het geestelijke en het gewone. En is dat soms de veroorzaker van de strijd in onszelf tussen wat we hoger of lager achten? Volgens mij gaat het erom dat spiritualiteit in het stoffelijke mag doordringen. Hoewel we aan de stoffelijke natuur gebonden zijn hebben we de mogelijkheid het spirituele te ontvangen en het te ervaren. Het mag in ons indalen, zoals een kind voor de geboorte en wordt dan omgezet in wijsheid die geleefd wordt. Het in onszelf ervaren van die zielskracht verheft ons niet boven de aarde maar voegt iets diep positiefs toe aan het leven op aarde. Met andere woorden: werkelijk ervaren spiritualiteit brengt meer tastbare liefde in de wereld. Dan komt ook elke strijd in ons tot rust. Want als de geestelijke inspiratie tot in elke cel van het stoffelijke doordringt, vindt er door heelwording een natuurlijke en zachte ontluiking plaats van ons hart. En dat is ervaarbare spiritualiteit.
In de tantrayoga worden dezelfde drie onderdelen als in de hatha yoga gebruikt. Daarnaast wordt er in de tantra- en kundaliniyoga veel aandacht gegeven aan chakra bewustwording. In de tantrayoga spitst het chakrabewustzijn zich vooral toe op de relatie tussen de onderste drie chakra's (Shakti) en de bovenste drie chakra's (Shiva) en hoe die samenkomen in het middelste (hart) chakra. De onderste drie chakra's vertegenwoordigen de aardse krachten van overleven, eigenheid en kracht, die men ook de motor van het ego zou kunnen noemen. De bovenste drie chakra's vertegenwoordigen de middelen tot transformatie die we tot onze beschikking hebben, nl. communicatie, inzicht en ruimtelijkheid. Het hartgebied is de ingang tot de essentie, die opener wordt als beide polen elkaar op een juiste manier aanvullen en aan hun polariteit voorbij geraken.
2.1 Shiva en Shakti
In de eerste zes stadia (chakra's) moet Shiva naar Shakti komen, moet de geest naar de aarde komen, moet de man naar de vrouw komen, moet de manifestatiedrang naar de materie komen. (Shiva heeft de materie nodig om manifest te laten worden dat ze samen komen in essentie)
1ste chakra: om de materiële werkelijkheid de vrijheid te geven, geeft Shiva door zijn aanwezigheid aan Shakti de ruimte om van haar materiële bestaan bewust te zijn
2de chakra: om de polariteit van Shakti bewust te maken, stelt Shiva haar in staat om naar hem te verlangen
3de chakra: om hun verbinding te laten groeien zet Shiva Shakti aan haar verlangen om te zetten in handelingen en levenswijzen die er op gericht zijn hun relatie en samenspel vorm te geven
4de chakra: om het liefdesspel niet in te sterke manifestatiedrang te laten verstikken, krijgt Shakti van Shiva de hulp van zijn geestelijke licht, zodat ze zich vanuit oprechte liefde en vanuit openheid van het hart met hem verbindt
5de chakra: om steeds meer over dit contact, deze relatie, deze liefde te gaan spreken, zal Shakti haar geliefde openlijker gaan noemen, vormgeven, beluisteren en zichtbaar tot uitdrukking brengen in haar leven
6de chakra: om Shakti steeds meer inzicht te geven in haar diepgang en beperkingen is Shiva het licht dat haar over haar beperkingen heen laat kijken, zodat Shakti inziet dat ze, ook al is ze materieel gevormd, Shiva is
7de chakra: Shakti en Shiva zijn nu gelijk, zodat Shiva niet meer hoeft af te dalen in de materie om met zijn bewustzijn te helpen haar te ontsluieren, want Hij heeft Shakti helemaal vervoerd (uit haar waan van ego en materie gehaald) en samen kunnen ze zich nu vanuit de 7de chakra openen voor het wezen van het 'zijn'
Bewust (Shiva) en zijn (Shakti) zijn nu samen open voor de concreetheid van de aarde (centrum van de aarde) en voor de ruimte van het bewustzijn (centrum van de kosmos) en laten dat zien aan de wereld (hartcentra in alles wat leeft). Dit open samenzijn is de opdracht, is de reden waarom de aarde polair is en wij hier geboren zijn. We worden ons zo bewust dat we een deel van god zijn. In de zevende fase zijn beiden vrij. Shakti is niet meer in haar materie gevangen omdat Shiva haar verlicht heeft. Shiva kan nu zijn licht via de vorm zich laten manifesteren als liefde voor alles wat leeft. En samen kunnen ze baden in de liefde van hun spel en samenzijn vanuit het hart. Het hart is de plaats waar beiden zich in hun samenzijn thuis voelen en vol vrede zijn.
Leraar en leerling zijn als ook twee polen die elkaar ontmoeten in de waarheid van het hart. Op de volgende pagina's daarom een verhaal over de relatie van de leraar en de leerling.
2.2 De leraar-leerling-relatie
In de jaren dat ik in India woonde is mij veel over de cultuur en tradities van dat land duidelijk geworden. Qua drijfveer zag ik geen enkel verschil met het naleven van onze tradities en het is vaak de armoede en behoefte aan identiteit die hen eraan vast doet houden. Wij westerlingen hebben Indiërs een grote ego-oppoetser gegeven met onze voorliefde voor oosterse wijsbegeerte. Geen wonder dat ze zich dan in hun tradities gaan vastbijten, dat zouden wij andersom ook doen. En we hoeven maar 100 jaar terug te gaan om te weten hoe armoede hand in hand gaat met het vasthouden aan tradities. We kunnen nu ook zien dat als Indiërs rijk genoeg worden om niet meer aan hun eigen tradities te hoeven voldoen, zij ons westers gedrag gaan imiteren. Het loslaten van hun tradities confronteert ze met dezelfde leegte als alle mensen op deze wereld die loskomen van sociale verbondenheid. De gewoonte van steeds iets te willen bereiken wordt niet losgelaten, alleen de vorm waarop men dat gewend was te doen. En als men de gewoonte om te bereiken loslaat zal men ervaren dat men totaal niet bekend is met zijn innerlijk.
Door in India les te geven heb ik ook gemerkt dat er een groot verschil is tussen Indiërs en westerlingen. Hun achtergronden, klimatologische en economische situatie zijn zo verschillend van de onze, dat hun yogabeoefening vaak haaks staat op de onze. Verschillende achtergronden vragen ook om verschillende benaderingen als het gaat over de verbinding met het innerlijk. Wij zijn westerlingen, Europeanen die de universele waarheden van yoga in onze eigen beleving en omstandigheden moeten leren integreren en gebruiken. Het letterlijk overnemen van Indiase oefen-, denk- en onderrichtwijze van yoga kan dan ook volledig fout uitwerken, omdat het niet op onze belevingswijze en psychologische achtergronden aansluit. Velen kiezen onbewust juist voor die 'fout'. We zijn immers opgegroeid met het idee dat we moeten werken om iets te bereiken. Door deze conditionering en de veiligheid van volgzaamheid hoeven we ook de confrontatie met onze eigen verantwoordelijkheid niet zo aan te gaan. We hoeven niet zelf te voelen en na te denken, maar kunnen ons in vertrouwen storten op het oefenen om het gestelde doel te bereiken.
Het volgen van tradities maakt ons helaas wel onzelfstandig en bevordert de onhelderheid ten aanzien van hoe we functioneren. Als we vrij van tradities zijn, leven we naar wat we voelen, zonder ons te laten bepalen door hoe het altijd was, in plaats van te beantwoorden aan hoe het altijd was.
De yogi's waren toch juist de woudfilosofen die zich uit de autoritaire tradities van het brahmanisme vrij maakten om zelf te voelen waar het in het leven werkelijk om gaat.
Het is onze calvinistische achtergrond dat we door hard te werken een plaatsje in de hemel kunnen krijgen. Natuurlijk vinden we dat onterecht, maar als we de Indiase tradities volgen geloven we wel dat er hard geoefend e.d. moet worden om de staat van verlichting of de verbinding met het innerlijk te bereiken. In feite is dit een diepgaande afwijzing van jezelf omdat het impliceert dat jij of je innerlijk pas goed zijn als je ervoor gewerkt hebt. Bovendien zouden mensen die niet met yoga of iets dergelijks bezig zijn of niet genoeg oefenen uitgesloten zijn van het innerlijke contact. Als er een God is die er altijd is en van iedereen houdt, met andere woorden als liefde de essentie van alle leven is, dan mogen we het ontvangen in plaats van het te verdienen. Voor mij is innerlijkheid dus geen verdienste die je door veel te oefenen kunt bereiken, maar innerlijkheid is een geboorterecht. Bovendien is onze diepste kern niet verborgen maar het eerste dat we ervaren als we er aandacht aan geven.
Volgens mij is het innerlijk voor iedereen altijd en overal toegankelijk. Wat me dan ook raakt is dat we door Indiase tradities over te nemen enerzijds voorbij gaan aan de aandacht voor het innerlijk en anderzijds onze eigen wortels en oorspronkelijkheid afwijzen. Op afwijzing van onze achtergronden kan immers geen positiviteit of respect groeien. We vinden in sommige Indiase normen misschien wat meer herkenning, maar brengen deze gedragsvormen ons dichter bij onszelf? Ligt het bevrijdende niet juist in het onafhankelijk zijn van de heersende of andermans normen? In die vrijheid kunnen we onze eigen beleving hebben. We bevestigen en respecteren dan onszelf.
Maar belangrijker is de vraag is of we guru's nodig hebben als we dichter bij ons innerlijk willen komen. De relatie guru-leerling is vaak traditioneel ongelijkwaardig. De guru is vaak per definitie meer waard en de waarde van de leerling is vaak afhankelijk van de guru. Waarom gaan we niet echt in relatie op basis van gelijkwaardigheid? Voor mij is de aangever niet verschillend van de ontvanger, want zij delen samen kennis, gevoelens of inzichten. De een heeft de ander nodig. De leraar groeit door zijn verfijnder wordende geven en de leerling groeit door zijn steeds verfijnder en dieper ontvangen. Het gaat er toch niet om dat de leerling zonder meer aanneemt en dat de leraar iets zonder beroering doorgeeft. Een leerling ontvangt in openheid wat de leraar aangeeft, laat dat in zich rondgaan en proeft, en geeft eventueel in vraag of antwoord terug wat niet helemaal past. De leraar voelt de energie van de leerling, laat die in zich rondgaan, proeft en laat de leerling in een bepaalde richting voelen of kijken. De basis van dit samenzijn en communiceren (com betekent samen en munus betekent liefdesdienst) is zo gelijkwaardig dat het hier om een echte relatie (re betekent terug en lat betekent brengen) gaat. Een relatie van twee zelfstandige mensen waarin beiden de wensen van elkaar aanvoelen en elkaar ontmoeten om dezelfde waarheid te delen. Het is voor beiden een genot of als het niet gaat voor beiden een pijn. Wie heeft het hier dan nog over volgen of tegenop kijken of over ongelijkwaardigheid. Een leraar heeft net zoveel baat bij zijn leerlingen als de leerlingen bij een leraar, beiden zijn bezig met dat te doen waarvoor ze op aarde zijn en voor beiden is dat groei.
Natuurlijk heeft het zin om zich bewust te worden van wat er zich in ons afspeelt. Dat heet groei. Maar als de groei belangrijker wordt dan het innerlijk of het 'zijn' wordt het tijd om aan de bel te trekken. Wat zijn nu onze werkelijke drijfveren waardoor we niet eens meer opmerken dat de vorm belangrijker is geworden dan het innerlijk? Al eeuwen denken mensen dat we de tedere integriteit van onze ontwapende essentie moeten zoeken, verdienen of bereiken. Het heeft de wereld niet vrediger gemaakt. Waarom al die drukte voor wat het meest essentieel in ons is? Dat is er toch altijd en het meest dichtbij! Als yoga betekent dat we werkelijk de verbondenheid met ons innerlijk ervaren, dan is yoga niet een middel om te veranderen. Willen veranderen is de cultus van onrust en weerhoudt ons van contact met onze diepten. Veranderen zorgt ervoor dat we op de buitenkanten gaan letten, regelmatig van leraar of bezigheid veranderen omdat we niet naar de diepte maar in de veilige breedte willen. Kennis en afwisseling zijn dan belangrijker dan de uitgediepte ervaring. Er kan een heel leven mee gevuld worden, maar als de dood komt zal de diepgang nog steeds ontbreken na al dat gezwoeg.
Veranderingen die voortkomen uit bewustwording, gaan echter vanzelf en zijn bevrijdend en verdiepend. En tot yoga behoren alle middelen die bevrijden, ook al heten ze geen yoga. Helaas zie ik veel yoga die vernauwt. Vernauwingen door het blind volgen van leraren of overnemen van oude en ons niet eigen tradities, door onbewuste acceptatie van oude conditioneringen en het geloof dat we zelf in staat zijn bovenpersoonlijke liefde te creëren. Vernauwingen die ook ontstaan door de hoeveelheid afwijzing en afhankelijkheid die zulk een levenswijze tot gevolg heeft.
Het is tijd voor bevrijding. Niet de bevrijding door prestatie of door iets of iemand van buitenaf, maar bevrijding door onszelf van het onbewuste met de zich herhalende ingesleten gewoonten van autoriteit, traditie en onzelfstandigheid. Het is tijd voor bevrijding van het onbewuste om weer in relatie te gaan met onszelf en de wereld om ons heen. Door ons te bevrijden van deze onbewuste patronen creëren we ruimte om ons verbonden te voelen met het innerlijk. Het ervaren van het innerlijk verbindt ons met alle leven op aarde dat uit diezelfde innerlijkheid is voortgekomen en wat diezelfde innerlijkheid als essentie heeft. Yoga is alles wat de aandacht voor die essentie vergroot. In de tantrayoga betekent dit dat er aandacht is voor dat wat de polen overstijgt, voor dat wat niet de verschillen maar de gelijkwaardigheid benadrukt. Tantra betekent weefgetouw en yoga betekent verbinden. De relatie tussen de leraar en de leerling of omgekeerd, wordt pas een vorm van yoga als deze twee polen, die qua vorm en inhoud verschillend zijn, leren echt te delen. Pas als twee draden dicht op elkaar en met elkaar verweven zijn ontstaat er een stuk stof. Dit stuk stof is van een totaal andere hoedanigheid dan de identiteiten van de losse draden voorheen.
Shiva en Shakti zijn twee verschillende krachten die pas tot seksualiteit komen door, over hun verschillen heen, over hun aantrekkings- en afstotingskrachten heen, het gemeenschappelijke grondgebied van de liefde en de essentie te vinden. De leraar en de leerling komen pas tot yoga en verbondenheid als ze over hun verschillen heen beiden bereid zijn de essentie van hetgeen zij bespreken of delen in zich toe te laten. Dan is er yoga. Dan is er iets totaal anders ervaren dan de identiteiten die de leraar en de leerling voorheen hadden. Dan is er een echte yogarelatie. En deze relatie is en was altijd al de voorwaarde voor het kunnen overbrengen van spirituele en intuïtieve ontwikkeling en groei.